Almere, Een Stad, Een Leven, Een Cirkel Rond
Soms voert het leven je terug naar plaatsen waarvan je dacht dat je ze achter je had gelaten.
Niet om te blijven, maar om te zien wat ooit was, en te voelen wat is geheeld.
Zo bracht ik na dertig jaar een bezoek aan Almere,
de stad waar mijn jonge leven wortel schoot, bloeide, brak en toch bleef groeien.
Een stad op nieuw land, waar mijn eigen verhaal begon.
Drie ontmoetingen, met de stad, de wijk, en de tijd.
Terug naar de Stad
Vandaag bracht ik een dag door in Almere City.
Een stad die ooit begon als een idee, een belofte op nieuw leven in de polder.
Ik liep door het moderne centrum, tussen hoge gebouwen, drukte, kleuren en geuren van overal.
Een stad die bruist, die leeft.
Het voelde vreemd en vertrouwd tegelijk.
Negenendertig jaar geleden begon hier mijn verhaal met Almere.
Mijn man Dick en ik kochten destijds een kavel in Almere Buiten,
in de nog te bouwen Bloemenbuurt.
Onze zoon Daniel sloeg trots de eerste paal.
In februari 1989 trokken we in, met Daniel en onze dochter Christina.
Een jaar later, op 15 februari 1990, werd onze jongste dochter Nikki thuis geboren.
Ons geluk leek compleet.
Tot het leven plots kantelde.
In augustus van datzelfde jaar overleed Dick.
Twee dagen later stond ik in het stadhuis van Almere,
met in mijn ene hand de overlijdensakte, ons trouwboekje en mijn paspoort,
en in de andere mijn baby en peutertje.
Er moest worden doorgegaan. Overleven was het enige wat ik kon.
Vandaag stond ik opnieuw voor datzelfde stadhuis.
Vijfendertig jaar later.
Dezelfde plek, een andere tijd, een ander mens.
Ik keek omhoog en zag mijzelf daar weer staan, die jonge vrouw,
en voelde hoe herinneringen die ik dacht te hebben opgeborgen, weer zachtjes openvielen.
Geen pijn meer, wel ontroering.
Een moment van erkenning. Van rust.
Terug naar de Bloemenbuurt
Vandaag ben ik teruggegaan naar Almere Buiten,
naar de plek waar alles ooit begon.
De Bloemenbuurt, nog altijd een naam die zachtheid ademt.
Een wijk vol belofte, jong geluk en dromen in wording.
Hier lieten Dick en ik in 1988 ons huis bouwen.
Onze eigen plek, op nieuw land, in een stad die nog moest groeien.
De straten leken kleiner, de bomen groter, volwassen geworden, net als mijn kinderen.
Liep langzaam door de straat waar ooit ons huis staat, dat niet meer van ons is.
Het huis waar zoveel leven, hoop en liefde heeft gewoond.
Ik zag Daniel als kleine jongen, met een helm op zijn hoofd,de eerste paal de grond in slaan.
Ik zag Christina spelend in de tuin, en hoorde Nikki’s eerste lach in mijn gedachten.
De tijd leek even stil te staan.
Geen verdriet meer, alleen rust.
Wat ooit pijn deed, voelde vandaag als voltooid.
Ik heb hier liefgehad, geleden, geleefd.
En ik heb hier mijn kracht verloren en gevonden, zonder dat ik het toen wist.
Ik wandelde verder door de wijk, sprak met een vrouw die haar hond uitliet.
We glimlachten, twee levens, verbonden door dezelfde grond.
Andere verhalen, ander beleving, ander tijd.
Almere Buiten leeft.
Wat ooit pioniersland was, is nu een thuis voor velen.
Nog één blik op het huis, de straat, de bomen.
“Dag Bloemenbuurt” .
Bloemenbuurt
Tussen bloei en wind,
eerste paal, laatste afscheid,
leven wortelt voort.
De Stad van Nu
Ik wandel opnieuw door Almere City,
maar dit keer met andere ogen.
Waar ooit leegte was, is nu leven.
Waar wind over kale vlakte blies, klinkt nu het geroezemoes van mensen, talen en dromen.
De stad die ooit werd bespot,
“daar wil toch niemand wonen, nog niet eens begraven worden”,
is uitgegroeid tot een stad waar velen willen zijn.
Een stad van groei, van toekomst, van samenleven.
Jong en oud, nieuwkomer en pionier, ze lopen hier naast elkaar.
Almere is kleurrijk geworden, gelaagd, levendig.
Ik zie jongeren op elektrische steps, gezinnen met kinderwagens,
en hoor mensen praten in talen van over de hele wereld.
Iedereen lijkt onderweg, net als ik, ieder met een ander doel.
Ergens voel ik trots.
Ik was erbij toen Almere nog dromen in zand en klei was.
Toen hoop nog aarzelend was, en stilte de stad vulde.
Nu zie ik wat er van die hoop is geworden:
een stad die ademt, bruist, en nooit meer stil zal staan.
Ik zal hier niet meer wonen, dat hoofdstuk is geschreven.
Maar ik kom terug, af en toe, als bezoeker, als getuige, als passant.
Omdat een stukje van mijn leven hier altijd zal blijven liggen, tussen de straten, de huizen, de wind van de polder.
De Stad van Nu
Polder wordt stadshart,
wortels diep in nieuw begin,
leven vindt zijn weg.
Cirkel van Tijd
Soms vraagt het leven geen antwoorden,
alleen een blik terug, om te begrijpen hoe ver je bent gekomen.
Almere was ooit mijn begin, mijn beproeving, mijn leerschool.
En nu, zoveel jaren later, is het een herinnering.
Een stad, een leven, een cirkel rond.
Terugblik
Land uit water reist,
vrouw uit verleden herleeft,
beiden staan nu vast.
©Puri
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.