Ik schrijf… en ineens stokt mijn pen.
Terwijl ik de woorden over Johan Cruijff teruglees, komt er een andere naam in mij op.
Onvermijdelijk.
Peter R. de Vries.
En het voelt alsof er een lijn loopt tussen die twee.
Twee totaal verschillende werelden, voetbal en misdaad, maar dezelfde grootsheid. De zelfde liefde voor Ajax! Dezelfde compromisloze manier van zijn.
En misschien… ook hetzelfde lot.
Ik weet het nog zo scherp.
Die avond.
Vijf minuten daarvoor zag ik hem nog op televisie, bij Boulevard. Gewoon zoals altijd. Rustig. Vastberaden. Onmiskenbaar Peter.
En toen… het bericht.
Schoten. In Amsterdam.
Op straat. Op klaarlichte dag. Hartje zomer.
Mijn hart sloeg over.
Dit was waar ik al jaren bang voor was. Want iemand die zo dicht op de waarheid zit, die zo onvermoeibaar jaagt op gerechtigheid… die maakt ook vijanden.
En toen kwam het bericht dat ik niet wilde horen.
Hij overleed.
Wat er daarna gebeurde, zal ik nooit vergeten.
Het hele land stond stil.
Mensen spraken vol lof.
Hij werd een held genoemd. Een icoon.
En ik zat daar… met een knoop in mijn maag.
Want waar was dat geluid al die jaren daarvoor?
Waar was dat respect toen hij zich vastbeet in zaken die niemand anders durfde aan te raken? Toen hij zich uitsprak, ongefilterd, soms hard, maar altijd vanuit een diep rechtvaardigheidsgevoel?
Hij werd verguisd. Bekritiseerd. Weggezet.
Net als Cruijff.
Ik voel het wringen.
Waarom doen wij dit?
Waarom moeten mensen die boven het maaiveld uitsteken eerst jaren worden bekritiseerd, afgebroken, soms zelfs gehaat… voordat we erkennen wat ze werkelijk betekenen?
Waarom zien we hun waarde pas als ze er niet meer zijn?
Is het ongemak?
Omdat ze ons spiegelen?
Omdat ze iets durven wat wij zelf misschien niet durven?
Johan Cruijff liet ons anders kijken naar voetbal. Naar ruimte, naar spel, naar mogelijkheden.
Peter R. de Vries liet ons anders kijken naar rechtvaardigheid.
Naar misdaad, naar slachtoffers, naar wat niet vergeten mag worden.
Beiden spraken zich uit.
Beiden weken af van de norm.
Beiden weigerden zich aan te passen om maar geaccepteerd te worden.
En beiden betaalden daar een prijs voor.
Ik voel verdriet.
Echt verdriet.
Omdat ik zie hoe wij als samenleving omgaan met mensen die groot zijn, niet alleen in wat ze doen, maar in wie ze durven te zijn. Puur, zuiver, zichzelf. Zij worden uitgelachen, bespot.
Maar ik voel ook woede.
Woede om de hardheid.
Om het snelle oordeel.
Om het gemak waarmee we iemand neerhalen.
En ja… zelfs schaamte.
Schaamte dat ik deel uitmaak van een cultuur waarin dit blijkbaar zo vaak gebeurt.
Maar misschien… ligt daar ook een opdracht.
Aan mij. Aan ons.
Om eerder te zien.
Om minder snel te oordelen. Geen meeloper te zijn. Niet wegkijken.
Om ruimte te geven aan mensen die anders zijn, die schuren, die ons uitdagen.
Om ze niet pas te eren als het te laat is.
Want helden…
Die horen we niet pas na hun dood te erkennen.
Die verdienen het om gezien te worden, juist als ze er nog zijn.
En terwijl ik dit schrijf, voel ik het weer:
Het gemis.
Van twee mannen die ieder op hun eigen manier de wereld een stukje eerlijker, mooier en echter hebben gemaakt.
En ik hoop… echt oprecht hoop…
Dat we daar ooit van leren.
Peter:
On bended knee is no way to be free.
Johan:
Elk nadeel heb zijn voordeel", "Je gaat het pas zien als je het doorhebt" en "Voetbal is simpel, maar het moeilijkste wat er is, is simpel voetballen".
Zij worden gemist.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.