Moet je hem nu zien zitten. Die stoere, sterke ouwe man. Mijn Harrie. Mijn vakantiebuurman van negentig jaar.
Vanmorgen lagen er nog wat lege flesjes en potjes in huis. "Kom Harrie," zei ik, "die brengen we straks even naar de glasbak." Dat vond hij een goed plan.
Om stip 14 uur kwam hij zoals afgesproken mij ophalen. Ik herinnerde hem nog even aan onze afspraak.
"Harrie, vanmiddag zou jij toch een korte broek aantrekken?"
Er volgde een waterval aan smoesjes. Het past niet, kan geen vinden, te witte benen, deze broek zat lekkerder, straks misschien... Andere keer.
Alle mogelijke excuses kwamen voorbij. Alles, behalve gewoon die korte broek aantrekken.
"Vooruit," zei ik lachend. "Stap maar in. Dan gaan we samen op pad."
Nog voordat we goed en wel het winkelplein op reden, begon het al.
"Is de HEMA nou dáár?" "En... is dat de Jumbo?" "De glasbak staat toch helemaal bij de Plus?"
Ik wees naar de glasbak, vlak naast mijn geparkeerde auto.
"Nee Harrie, die staat tegenwoordig gewoon hier."
Hij keek zijn ogen uit.
Nadat het glas met veel gekletter in de bak verdween, liep ik met hem de Jumbo binnen.
"O... o... o... wat is dit verdomme mooi."
Hij bleef stilstaan.
"Wat groot... wat mooi..."
Alsof hij een museum binnenliep in plaats van een supermarkt.
Langzaam wandelden we door de gangen. Groente, fruit, dagvers verapte maaltijden en ik wees hem op de enorme afdeling met kazen en zuivel.
"Dat is jouw afdeling," lachte Harrie. "Jij bent hier de kaaskop. Ik lust liever gebak."
Dus gingen we op weg naar de gebaksafdeling.
Hij keek om zich heen alsof hij in geen jaren meer een supermarkt van binnen had gezien. Zijn ogen bleven overal hangen. Elke hoek bracht weer een nieuwe verbazing.
Bij de zelfscankassa werd het helemaal mooi.
"Waar moet jij het geld instoppen?" vroeg hij bloedserieus.
Ik legde uit hoe de zelfscan werkte en rekende af met mijn pinpas.
Toen pakte ik het bonnetje.
"Die hebben we nodig," zei ik. "Anders komen we de Jumbo niet uit."
Harrie keek mij verbaasd aan, wees naar de uitgang en zei:
"Door die deur toch?"
"Ja Harrie," antwoordde ik lachend, "maar eerst moet dit poortje zien dat we betaald hebben."
Ik scande het bonnetje en het poortje ging open.
We liepen naar buiten.
Harrie bleef nog één keer staan, draaide zich om naar de winkel en zei met dezelfde verwondering als toen we binnenkwamen:
"O... o... o... wat mooi... jonge jonge... wat modern... Wat mooi."
Even bleef het stil.
Toen keek hij mij aan en vroeg:
"Wie heeft dit toch allemaal bedacht?"
Ik had geen antwoord.
Soms hoef je ook geen antwoord te hebben.
Soms is het mooiste wat je kunt doen, iemand van negentig nog één keer met de ogen van een kind naar de wereld laten kijken.
En zo reden we samen weer naar huis. Ik achter het stuur. Harrie naast mij. Nog steeds onder de indruk van een middagje Jumbo.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.