Tussen stilstand en vooruit willen.
Twee dagen geleden lag ik nog op de operatietafel.
Nu zit ik thuis. Stil.
De operatie is achter de rug. En eigenlijk… valt het mee.
Weinig pijn. Dat had ik niet verwacht. De medicatie die ik kreeg is zelfs te sterk. Dus ik neem minder. Ik heb geen behoefte om als een soort zombie door mijn eigen huis te dwalen. Ik wil voelen dat ik leef, dat ik er ben, dat mijn hand klopt.
Maar daar zit meteen de uitdaging.
Ik kan namelijk nog bijna niets.
Mijn wereld is ineens weer klein geworden.
Van kamer naar keuken. Van stoel naar bank. Een rondje door mijn eigen huis voelt soms als een wandeling zonder bestemming.
Gelukkig zijn daar de buurtjes.
Lieve mensen, die langskomen voor een praatje, een glimlach,kopje soep brengen, even gezelschap. Het doet me goed… en tegelijk kost het me meer energie dan ik zou willen toegeven. Herstellen is blijkbaar ook leren doseren. Iets wat ik niet helemaal onder de knie heb.
En dan is er dat ene verlangen dat alles overstemt.
Het verband eraf.
Gewoon kijken. Zien hoe het is geworden.
Mijn hand weer herkennen. Of misschien juist opnieuw leren kennen.
Dinsdag start ik met handergotherapie.
Een stap vooruit. Een doel. Iets om naar uit te kijken.
Ik voel het ongeduld al borrelen, vannacht nog. Alsof mijn lichaam zegt: “kom op, we gaan weer verder.”
Maar mijn herstel fluistert iets anders:
Nog even.
Rust.
Vertrouw erop dat het goed komt.
En dus zit ik hier.
Tussen stilstand en vooruit willen.
Tussen geduld en ongeduld.
En misschien… is dit precies waar herstel begint.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.